Brute moord op New Yorkse prostituee
- Steven de Joode
- 4 jun 2020
- 3 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 11 mrt
De moord op Helen Jewett
Op de vroege zondagochtend van 9 april 1836 werd bordeelhoudster Rosina Townsend gewekt door een sterke brandlucht. Ze ging op onderzoek uit en ontdekte het levenloze lichaam van prostituee Helen Jewett. Helen lag op bed in haar kamer, haar voorhoofd opengereten, terwijl haar bed in brand stond.
De politie arriveerde en ondervroeg Rosina. Zij had de vorige avond een van Helens vaste klanten, de 19-jarige bediende Richard P. Robinson, herkend. De politie vond bovendien een mantel en een bijl die aan Robinson konden worden gelinkt. Desondanks werd Robinson, na een proces van vijf dagen, vrijgesproken—volgens sommigen dankzij zijn uitstekende connecties.
Een mediasensatie en de opkomst van de ‘penny press’
De moord op Helen Jewett werd een van de eerste seksschandalen die landelijke media-aandacht kreeg. Dit was mede te danken aan de opkomst van de zogeheten ‘penny press’: kranten die dankzij technische innovaties goedkoop geproduceerd konden worden en voor slechts een penny werden verkocht.
Veel serieuze kranten vermeden onderwerpen als seks en moord, maar de penny papers deden dat niet. Het leven en de tragische dood van de beeldschone Jewett werden breed uitgemeten. Dit veranderde de Amerikaanse journalistiek voorgoed—redacteuren realiseerden zich dat sensationele (seks)schandalen de verkoopcijfers opdreven.
Het tragische leven van Helen Jewett
Helen Jewett werd in 1813 geboren als Dorcas Doyen in Hallowell, Maine. Vermoedelijk verloor ze haar ouders op jonge leeftijd en groeide ze vanaf haar 13e op bij een rechter, die haar ook naar school stuurde. Op 17-jarige leeftijd had ze een affaire met een oudere man, wat tot een schandaal leidde.
Het is mogelijk dat ze al in Portland, Maine, als prostituee werkte, maar zeker is dat ze later naar Boston vertrok om in een bordeel te werken. Vervolgens verhuisde ze naar New York, waar ze op diverse adressen werkte. Het langst verbleef ze in het bordeel van Mary Berry op Duane Street 128. Haar laatste werkgever was Rosina Townsend, die door een krant uit 1836 werd omschreven als "one of the most dashing of her infamous line of work."
Helen Jewett: meer dan een mooie verschijning
Helen stond niet alleen bekend om haar schoonheid, maar werd ook geroemd om haar intelligentie, charme en verfijnde smaak. Zij was de ster van het bordeel van Mary Berry, dat omgerekend $1000 tot $2000 per week aan haar verdiende. Zelf hield ze genoeg over om elegante kleding te kopen, regelmatig het theater te bezoeken en uitstapjes te maken.
Opmerkelijk is dat Helen een uitgebreide correspondentie onderhield met vrienden, collega’s, klanten en minnaars. Deze brieven zijn een belangrijke bron voor de studie van de Amerikaanse prostitutie in de vroege 19e eeuw.
Van moordslachtoffer tot literair personage
In de decennia na haar moord groeide Helen uit tot een legendarisch figuur. Ze werd het onderwerp van tientallen pamfletten en verscheen als fictief personage in verschillende romans, waaronder The Lives of Helen Jewett, and Richard P. Robinson (1849) van George Wilkes.
Een moordpamflet vol dramatiek
De afbeeldingen hierboven en -onder komen uit een ‘murder pamphlet’ gebaseerd op Wilkes' roman: The Truly Remarkable Life of the Beautiful Helen Jewett, Who Was So Mysteriously Murdered (Philadelphia, 1878). Het boekje, geïllustreerd met vier fraaie houtgravures, beschrijft haar leven, haar relatie met Robinson en uiteraard haar tragische dood.
Zoals te verwachten, schuwt het pamflet de dramatisering niet:
“… and there before their eyes, with her transparent forehead half divided by a butcher’s stroke, and her silver skin burnt to a cinder where it was not laced with blood, lay all that was left of the mortal remains of the unfortunate Dorcas Doyen.”
Comments